De overbodigen – Herman Koch
Herman Koch … als vanouds
Als schrijver van een roman hoop je natuurlijk dat het boek na verschijnen lovende recensies aan de critici ontlokt. Of – je kan niet alles hebben – dat het in ieder geval de nodige aandacht krijgt en dat je uit de besprekingen wat positieve quotes kan knippen om bij een eventuele tweede druk op het achterplat te zetten. Slecht gerecenseerd worden is dodelijk, zo’n boek vindt je hoogstwaarschijnlijk binnen een jaar bij De Slegte. Maar een héél slechte recensie, zo een waarbij het boek meedogenloos wordt neergesabeld, hoeft juist weer géén ramp te zijn. Kan zelfs positief werken. Een trending topic worden onder lezers en journalisten. Dan weet iedereen dat het boek is verschenen. De gemiddelde uitgever zal er voor tekenen.
Een dodelijke recensie
Het ligt er dan wel een beetje aan wie de auteur is. Het werkt het beste bij een succesvolle publiekslieveling. Zoals bij Herman Koch, wiens nieuwe roman De overbodigen op de dag van verschijnen werd afgeserveerd in NRC Handelsblad. Slechts één van de vijf bollen kreeg ie, welhaast een unicum. Sensationeel(!), proefde je in de reacties. Maar wie die term even buiten beschouwing liet, en de recensie rustig las, kon niet anders dan erkennen dat die was gebaseerd op zorgvuldig lezen en een afgewogen analyse. Dat dit leidde tot een negatief oordeel – tuttig schrijven, gemakzuchtige uitwerking van de plot, inhoud moreel niet helemaal fris – is dan niet anders.
De grenzen opzoeken
Maar gelukkig is het lezen van literatuur een uiterst individuele bezigheid, wat ook geldt voor het verwerken van het gelezene en daar een mening over hebben. Mijn oordeel? Je zou kunnen zeggen dat ik deels een ander boek heb gelezen dan de recensent van de NRC. Dat tuttig schrijven en die soms ongeloofwaardige uitwerking van de plot stoorden mij ook hier en daar. Maar dat Koch met opzet amoreel handelen door zijn hoofdpersoon tot de kern van zijn verhaal zou hebben gemaakt, dat zelfs vergoelijkt, gaat me te ver. Zo is Koch niet, meen ik. Plots zijn bij hem vooral een Spielerei. Kijk bijvoorbeeld naar zijn roman Het Koninklijk Huis (2022), waarin hij heel ver gaat zonder de grens van het onbetamelijke daadwerkelijk te overschrijden. Ofschoon fans van ons koningshuis daar wellicht anders over zullen denken. Ook in De overbodigen laat hij de mannelijke hoofdfiguur – een beroemde bioloog, Nobelprijskandidaat – in zijn denken voortdurend de grenzen van het aanvaardbare opzoeken, en die fysiek zelfs één keer gruwelijk overschrijden. En misschien wel een tweede keer. Maar dat valt nog steeds binnen het kader van de roman, het verhaal, de fantasie.
Ze wandelen door
De roman begint tijdens de avondmaaltijd van twee echtparen, die elkaar hebben leren kennen nadat hun dochter en zoon een relatie kregen. Die dag hebben zij een deel van de Cotswolds Way gelopen, een Engelse langeafstandswandeling. Tijdens die tocht is iets voorgevallen waarover ze tijdens het diner overleggen. Wat er precies is gebeurd zal Koch pas gedurende de verdere wandeling, zorgvuldig gedoseerd over de hoofdstukken, onthullen. Maar door hoe ze er met elkaar over spreken krijg je al snel het vermoeden van een ernstig misdrijf. De beide vrouwen en een van de mannen, Martin, willen namelijk de wandeling afbreken en zo snel mogelijk naar huis gaan. Maar de andere man, Herbert, is daar tegen. Omdat ze, zoals hij voortdurend naar voren brengt, daarmee een verdenking op zich laden en de politie, wanneer die een onderzoek zou starten, hen gemakkelijk zal kunnen traceren aan de hand van het annuleren van al hun reserveringen voor overnachtingen. Dus zetten ze de tocht voort. Maar de spanning die dat met zich meebrengt zal de verhoudingen tussen de vier naar een kookpunt brengen.
Koch moet een grote fan zijn geweest van Inspector Morse. Hij laat Herbert fantaseren over het verhoord worden door de televisie-inspecteur, mocht de politie een onderzoek naar het gebeurde openen en Herbert als een potentiële verdachte worden gezien. Even later komt Koch ook nog met Columbo op de proppen. Weer zo’n Spielerei. En dat terwijl je als lezer nog steeds niet helemaal van de hoed en de rand weet. In het ongewisse verkeert. Wat op zich knap gedaan is. En heel filmisch beschreven. Je zou het verhaal zo kunnen verfilmen.
Maar dan verschijnt een Engelse inspecteur ten tonele. Je kon er op wachten. En neemt het verhaal een wending die de geloofwaardigheid nou niet bepaald versterkt. Verrassend is die afloop wel, maar verrassend op de foute manier. Tip voor de eventuele filmproducent van dit verhaal: de laatste tien bladzijden laten herschrijven. Een paar ongelukkig gekozen details in de plot vervangen door iets slimmere oplossingen. Daar kan het alleen maar beter van worden.