Buitenlanders en andere Papoea’s – Rob Verschuren 

Opiumvelden, derwisjen, dansmeisjes

Verhalenbundels, het blijft een lastig genre. In het ideale geval krijgt een bundeling van verhalen zijn meerwaarde door, bijvoorbeeld, een overkoepelende thematiek, een of meer personages die telkens terugkomen, of door de specifieke setting van de verhalen. In het minder ideale geval blijft die meerwaarde uit, maar je krijg wel een beeld van wat een schrijver allemaal in huis heeft.

In de vier romans en de verhalenbundel die Rob Verschuren (1953) tot nu toe publiceerde, was het de specifieke setting die zijn werk bijzonder maakte. Een niet-westerse setting – Verschuren woont zelf al jaren in Vietnam – met niet-westerse personages, niet-westerse thematieken en niet-westerse manieren waarop mensen zich door het leven slaan.

In Buitenlanders en andere Papoea’s, de tweede verhalenbundel van Rob Verschuren, wordt die exotische eenheid van plaats doorbroken. Vijf van de tien verhalen spelen zich af in Vietnam of in andere niet-westerse landen, maar de andere helft heeft als decor bijvoorbeeld een penthouse in New York of een Van der Valkhotel in Nederland midden in de winter.

In Vrolijk knallen de bomvesten, het verhaal dat zich afspeelt in dat hotel, maken we kennis met Asher. Die was vroeger eigenaar van een reclamebureau, maar sinds hij tijdens een kundalini-meditatie tot het inzicht kwam dat zulke bureaus het kapitalisme alleen maar in stand houden, heeft hij gekapt met dat vorige bestaan en zijn leven radicaal omgegooid. En dat is niet het enige gevolg van die meditatie. De hele wereld is een gekkenhuis, en als er iemand is die de wereld wakker kan schudden uit haar collectieve psychose, is hij, Asher, dat wel. Hij koopt drie opblaaspoppen – een blonde, een zwarte en een bruine –, niet om ze te gebruiken waarvoor dat soort poppen meestal wordt gebruikt, maar om er explosieven in te verbergen: opblaaspoppen als de ideale bomvesten. Een concreet doel voor een aanslag heeft hij nog niet, maar dat verandert als hij, nog steeds in dat Van der Valkhotel, de tv aanzet:

‘Op de televisie feliciteert de koning de eerste Elfstedentochtwinnaar van Papoea-Nieuw-Guinese afkomst. (…)  Buitenlanders, denkt Asher. Hij is weer kwaad. Buitenlanders en andere Papoea’s, dat is een goed doelwit. Het Koninklijk Huis ook. Misschien nog beter zelfs. Dat zijn voor driekwart Duitsers.’

Misschien toch niet zo’n goed idee, die kundalini-meditatie…

Een ander ‘Westers’ verhaal, Rumbonen, heeft als hoofdpersoon Annabel Clutterbuck. Ooit, als twintigjarige, was zij de Playmate van de maand september, daarna trouwde ze met een onroerendgoedmagnaat, maar die heeft haar al snel ‘van de hand gedaan als een onrendabele investering’. Het verhaal draait om Annabels vergeefse poging om van haar eet- en drinkverslaving af te komen. Vaardig verteld, mooie stijl maar toch, dit is niet waarom ik Rob Verschuren zo graag lees. En dat geldt even goed voor de andere drie verhalen die zich afspelen in het rijke, Westerse deel van de wereld.

Maar dan is er De stem van Roos, veruit het langste verhaal van de bundel. In een naamloos, niet-westers land wordt de oude dichter Basel ontslagen uit de gevangenis, juist op het moment dat er een bijzondere, Jeroen Bosch-achtige optocht voorbijkomt. Die wordt aangevoerd door Chokhamela, een man op een plank wiens benen zijn afgereden door een sneltrein. Basel sluit zich aan, en hij is niet de enige:

‘Wanneer ze door de opiumvelden van de voetheuvels afdalen naar de vlakte, heeft de beenloze drieënzestig volgelingen, onder wie landloze boeren, Maliarese hoertjes, filosofen, zigeuners, mannen met rastahaar, idioten, vrouwen met slangenogen, vuilnisbeltbewoners uit Vat, exegeten, derwisjen en dansmeisjes. De opkomende zon werpt hun schaduwen vooruit als ze door de straten van de stad Dunn dansen, vanuit smalle deuropeningen nagestaard door donkere ogen, en wanneer Basel de dichter zich buiten de stad bij hen voegt, staat de zon hoog en zijn de schaduwen in het zand kort en scherp als zigeunerdolken.’

Kijk, dit is waarom ik zo van Verschurens werk houdt, en dat niveau houdt hij vast in de andere vier niet-westerse verhalen.

Misschien wel het mooiste van allemaal is De abrikozenbloesem, een fijnzinnig, perfect verteld relaas over de liefde tussen een amateurschilder en Abrikozenbloesem. Zij is het meisje van zijn dromen en hij schildert haar portret. En wat er daarna gebeurt…

Buitenlanders en andere Papoea’s is een van de laatste boeken van In de Knipscheer. Na bijna een halve eeuw stopt deze uitgeverij ermee, en daarmee verliest de Nederlandse literatuur een essentieel stuk van haar veelkleurigheid.

Hein-Anton van der Heijden

Meer van Rob Verschuren

Boek bestellen!

Andere recensies

Nalatenschap tussen goden, geschiedenis en geweten Met Nausikaä en de grote goden heeft Pim Wiersinga een opvallend boek nagelaten: een roman in verzen die de lezer meeneemt naar de wereld van de late Oudheid, maar tegelijk indringend spreekt over vragen die niets aan actualiteit...
Lees verder Categorie: Historische roman, Roman
| Reageer!
Poëtische verhaaltjes over dieren Schildpad loopt al een tijdje te piekeren. Er spookt een vraag door zijn hoofd waar hij maar geen antwoord op vindt. ‘En nu?’ denkt hij steeds. Uiteindelijk vraagt hij zijn vriend Das om raad. Das vertelt hem dat hij zichzelf...
Lees verder Categorie: Filosofie, Kinderboeken
| Reageer!
Repareren wat niet meer te herstellen lijkt Met De Repair Club laat Charles den Tex opnieuw zien waarom hij al jaren tot de top van de Nederlandse thrillerschrijvers behoort. De roman is een spionagethriller met vaart en spanning. Daarnaast treffen we enkele lagen aan,...
Lees verder Categorie: Thrillers & Spanning
| Reageer!