Ontluisterend portret van een koloniale samenleving

Birmaanse dagen – George Orwell – Vertaling: Anneke Brassinga – De Arbeiderspers -349 blz.

Iedereen kent natuurlijk de schrijver Orwell van zijn beroemde werk 1984 en Animal Farm. Maar Orwell was de auteur van meer belangwekkende boeken die het verdienen te worden gelezen. Hij is één van mijn favoriete schrijvers en ik las Birmaanse dagen lang geleden. Toen nog onder de titel De jaren in Birma, waaronder het in 1975 bij ons werd uitgegeven. Onlangs las ik de roman opnieuw. Het was Orwells debuut. Hij schreef het in 1927, meteen na zijn terugkeer uit Birma (het tegenwoordige Myanmar), waar hij vijf jaar als politieman bij de Indian Imperial Police had gewerkt.

Birmaanse dagen speelt zich af in het stadje Kyauktada in het noorden van het land. Hoofdpersoon is de Engelse houthandelaar Flory, die deel uitmaakt van de kleine blanke elite die het in die tijd in Birma geheel voor het zeggen had. Men heeft bedienden voor alles wat maar gedaan moet worden. De vele vrije tijd brengt men bij voorkeur door in de Europese Club. Hier wordt geroddeld, gedronken en vooral geklaagd over de “brutale” Birmanen die men als minderwaardig beschouwt en overeenkomstig behandelt. Ook klaagt men voortdurend over de verzengende tropenhitte. Voor de Birmanen is het zwaar ploeteren onder die omstandigheden.

De Europeanen hebben ijs om hun drankjes te koelen en een “punkah”, een waaier, bediend door een autochtoon. Hun voorrechten zijn vanzelfsprekend. Flory is houthandelaar, halverwege de dertig, vrijgezel en in bezit van een wijnvlek die zijn gezicht ontsiert. Hij heeft, zoals veel andere Engelsen, een Birmaanse minnares, Ma Hla May geheten. Flory heeft een complex karakter: hij heeft gedurende zijn jarenlange verblijf in Birma een afkeer ontwikkeld van de arrogante en racistische houding van zijn landgenoten met hun luie, gemakzuchtige levens en hypocriet gezwets.

Hij heeft echter niet de moed deze afkeer voortdurend duidelijk en openlijk te uiten. Zou hij dat wel doen dan wacht uitstoting en eenzaamheid en hij is al een buitenbeentje. Zo is hij bevriend met de Indiase dokter Veraswami, een wat naïef persoon en fervent bewonderaar van de Engelsen. Orwell laat Flory bij hem zijn hart op treffende wijze luchten:

“Mijn beste dokter”, zei Flory, “hoe kunt u beweren dat we in dit land zijn voor iets anders dan diefstal? Het is zo simpel. De ambtenaar houdt de Birmaan de laars op de nek, terwijl de zakenman zijn zakken leeghaalt. Gelooft u bijvoorbeeld dat mijn firma houtcontracten zou krijgen als het land niet in handen was van de Britten? Hoe zou het Rijstsyndicaat de arme boertjes kunnen blijven uitbuiten als het Koloniaal Bestuur er niet achter stond?”

Flory lijkt te kunnen ontsnappen aan zijn geïsoleerde en verbitterde leventje als Elizabeth Lackersteen haar oom in het stadje komt bezoeken. Aanvankelijk lijkt er een romance tussen hen op te bloeien, maar Elizabeth, een bekrompen jongedame, vol met blank superioriteitsgevoel en een afkeer van “intellectueel gedoe”, kiest voor Verrall, de luitenant van de militaire politie. Als ook deze romance op niets uitloopt, lijkt het er op dat Flory haar alsnog aan de haak zal slaan. Hij heeft echter geen rekening gehouden met de intriges van U Po Kyin, een gewetenloze districtsambtenaar, een man met maar één doel; als enige Birmaan lid worden van de Europese club en daarmee zijn aanzien in de ogen van zijn landgenoten te vergroten.  Orwell beschrijft de werkwijze van deze districts-politierechter als volgt:

“Naast de inkomsten die hij opstreek van procederende partijen, hief U Po Kyin een vaste schatting, bij wijze van particulier belastingstelsel, van alle dorpen die onder zijn jurisdictie vielen. Als een van de dorpen zijn aandeel niet kon opbrengen nam U Po Kyin vergeldingsmaatregelen –

het dorp werd overvallen door roversbenden, vooraanstaande dorpelingen werden gearresteerd op gefingeerde aanklacht, enzovoort – en het duurde nooit lang of het bedrag kwam op tafel”.

De enige concurrent van U Po Kyin, is dokter Veraswami, die door Flory als lid van de club zal worden voorgedragen. Naar de afloop laat ik raden, maar Birmaanse dagen doet in mijn ogen zeker niet onder voor het bekendere werk van Orwell, sterker nog: wie wil weten hoe destructief een koloniaal systeem werkt, moet deze vlijmscherpe roman beslist gaan lezen. Rest mij nog te vermelden dat deze uitgave een zeer nuttig en verhelderend voorwoord bevat van een Orwell – kenner, de Amerikaanse auteur Emma Larkin.

Dick Huitema

Boek bestellen!

Andere recensies

Charlie Cardboard en het kartonmysterie – Marieke Hoogesteger – Illustraties: Zoë Claessens – Clavis – 96 blz. Weer meer dan negentig bladzijden leesplezier met dit boek van Uitgeverij Clavis. Het heeft van alles waar de jeugd vanaf een jaar of acht van kan genieten....
Lees verder Categorie: Kinderboeken
| Reacties uitgeschakeld voor Een rolstoel voor meneer Serebeen
De eend die niet van water hield – Steve Small – Vertaling: Joukje Akveld – Luitiingh – Sijthoff – 32 blz. Een van mijn favoriete prentenboeken is er nu ook in kartonboek met mooi afgeronde hoeken, dus echt voor kleine kinderhandjes. Eend is echt...
Lees verder Categorie: Peuterboeken, Prentenboek
| Reageer!
Fun Jungle: Poten omhoog! – Stuart Gibbs – Vertaling: Dorette Zwaans en Rianne Aarts – Pelckmans – 304 blz. Wat een heerlijk boek! Een verhaal met droge humor, hier en daar wat sarcasme en zelfspot van de hoofdfiguur op een bijzondere locatie: Funjungle: dé...
Lees verder Categorie: Kinderboeken
| Reageer!